Wie weleens een punt appeltaart bij Dudok heeft gegeten, weet dat dit niet zomaar een gewone Hollandse appeltaart is. Het is een flinke, stevige taart met een dikke laag appelvulling en bovenop vooral heel veel krokante kruimels.
Ik wilde zo’n appelkruimeltaart thuis kunnen maken en kwam uiteindelijk op deze versie. Het geheim zit voor mij in twee dingen. Ik bak de stukjes Jonagold eerst kort voordat ze de taart in gaan en meng ze daarna met appelcompote, rozijnen, walnoten en kaneel. Daardoor krijg je een volle appelvulling die heerlijk smeuïg is, zonder dat de bodem verandert in een natte bedoening. En dan natuurlijk die kruimellaag. Want zonder een flinke laag boterige kruimels is het geen Dudok-achtige appelkruimeltaart.
Het grote verschil met een klassieke appeltaart zie je eigenlijk meteen. Bovenop liggen geen repen deeg in een ruitpatroon, maar een dikke laag krokant gebakken kruimeldeeg. Daaronder zit een royale appelvulling en daaromheen een stevige korst. Daardoor krijg je in iedere hap drie verschillende structuren: krokante kruimels, zachte appel en de stevigere bodem en rand.
Voor deze taart gebruik ik 1,5 kilo Jonagold. Dat is een appel die ik hiervoor erg prettig vind omdat hij zoet en fris tegelijk is en geschikt is om te bakken. Snijd de appels niet in piepkleine blokjes. Ik wil na het bakken nog echt stukjes appel herkennen. En daar zit bij dit recept nog een trucje in: de appels gaan niet rauw de taart in.
De 1,5 kilo appelstukjes bak ik ongeveer vijf minuten in een ruime hapjespan of wok. Daarmee bereik je twee dingen. De appels worden alvast iets zachter en een deel van het vocht verdampt voordat ze in de taart terechtkomen. Daarna meng ik ze met 360 gram appelcompote, 1 kopje rozijnen, 1 kopje walnoten, 1 eetlepel rietsuiker en 1 eetlepel kaneel. Juist die appelcompote vind ik belangrijk. Die vult de ruimtes tussen de grovere appelstukken op en zorgt ervoor dat de vulling uiteindelijk mooi samenhangt.
In mijn versie gaan behalve appels ook rozijnen en walnoten. De rozijnen nemen tijdens het bakken wat vocht en smaak op en de walnoten zorgen juist weer voor wat beet tussen al die zachte appel. Hou je niet van rozijnen of walnoten? Dan kun je ze natuurlijk weglaten, maar persoonlijk vind ik juist die combinatie erg lekker in deze taart.
Een appeltaart met anderhalve kilo appels bevat behoorlijk wat vocht. Daarom bak ik de appels dus eerst. Daarnaast kun je voor het vullen een dun laagje paneermeel over de deegbodem strooien. Dat staat in je oorspronkelijke recept al als optioneel ingrediënt. Het paneermeel neemt tijdens het bakken een deel van het resterende vocht op. Je proeft het uiteindelijk niet terug, maar het kan nét helpen om die bodem steviger te houden.
Voor het kruimeldeeg heb je verrassend weinig nodig: 100 gram bloem, 50 gram roomboter, 40 gram bruine basterdsuiker en 1 zakje vanillesuiker. Kneed dit niet tot een glad deeg. Dat willen we juist niet.
Wrijf en knijp de ingrediënten kort met je vingers door elkaar totdat er onregelmatige kruimels ontstaan. Sommige mogen wat groter zijn en andere kleiner. Tijdens het bakken krijg je daardoor die karakteristieke krokante bovenkant.
Dit is misschien wel het moeilijkste onderdeel van het hele recept: er vanaf blijven. Als de taart rechtstreeks uit de oven komt, is de appelvulling nog behoorlijk zacht. Geef hem daarom de tijd om af te koelen voordat je de springvorm verwijdert en er punten van snijdt. Tijdens het afkoelen wordt de vulling steviger en kun je veel mooiere punten snijden.
Noodzakelijk? Nee. Maar als we dan toch een Dudok-achtige appelkruimeltaart maken, mag er van mij ook een flinke dot versgeklopte slagroom naast. En koffie natuurlijk.
Bak de appels echt eerst even zoals in het recept. Het lijkt misschien een overbodige extra handeling, maar bij 1,5 kilo appels scheelt dat behoorlijk wat vocht in de taart. En maak je kruimeldeeg vooral niet te netjes. Juist grove en fijne kruimels door elkaar geven na het bakken die lekkere, rustieke bovenkant.


Heb je het recept gemaakt of wil je het gaan maken? Heb je een vraag erover? Laat het in onderstaande reacties weten! Ik zou het echt leuk vinden als je een foto van het recept deelt op Facebook of Instagram met de hashtag #reneindekeuken of tag @reneindekeuken. Veel plezier met koken!

Ik ben René van der Linden, een gepassioneerde hobbykok en hoop jou te inspireren met mijn recepten, waar je helemaal geen chef voor hoeft te zijn. Met een beetje liefde voor het koken en het gebruik van goede verse producten kan iedereen iets lekkers op tafel toveren.
Laat je inspireren door de veelzijdige recepten op deze website en kijk vooral eens naar de kookvideo’s van René in de Keuken op YouTube.